Spelregels van het vuurtorenspel

Afgelopen zaterdag kreeg ik een reactie van Juul. Hartstikke leuk dat ook mensen die ik niet ken mijn site bekijken, maar zij vroeg zich ook af wat de spelregels van het vuurtorenspel ook alweer waren.

Zoek een mooie locatie. Een heuvel met wat bomen, ook in de aanloop, is perfect, maar het kan ook in een vlak stukje bos, als er maar plekken zijn waar geschuild kan worden, hoe verder de schuilplekken van de vuurtoren, hoe moeilijker het spel wordt. Uiteraard is het spel bedoeld om in het duister gespeeld te worden.

Kies iemand uit die vuurtoren wordt en plaats hem met een zaklamp op de heuvel. Je kan er een leiding bij laten om te controleren of het spel eerlijk verloopt. Een andere leiding staat op enige afstand van de heuvel met de rest van de groep, deze geeft een signaal wanneer de kinderen mogen beginnen.

De bedoeling van het spel is dat de vuurtoren getikt wordt, als dat gebeurt is de tikker de volgende vuurtoren en de rest gaat weer terug naar het beginpunt. De vuurtoren gebruikt de zaklamp om zijn belagers te vinden, hij mag echter niet van zijn plaats afwijken en alleen ronddraaien. Als de vuurtoren iemand ziet moet hij de naam van die persoon roepen, die persoon is dan af en moet weer terug naar het beginpunt.

Dit is de basis van het vuurtorenspel, je kan varieren met de sterkte en kleur van de zaklamp, regels invoeren dat gezichten wel of niet bedekt mogen worden, et cetera.

Houwtje-Touwtje

Ieder seizoen proberen we wat leuks te pionieren met de meiden, vorig jaar hebben we een keer blijdes gebouwd en later ook een familieschommel. Afgelopen zaterdag wouden we graag een zweefmolen bouwen, helaas bleken we daar een kogellager voor de moeten hebben. Het kader kwam eerder langs en zij wouden wel graag een toren pionieren. Nou was het al lang geleden dat we een goede, rechte, stevige toren hadden gebouwd en nu hadden we ook nog eens 6-meter palen! De dames waren zo enthousiast bezig dat ze graag de toren helemaal wouden afbouwen en velen kozen ervoor om langer te blijven, geweldig dames!

En de rest van de kampjes

Een poos terug had ik het over de vele kampjes, ondertussen zijn ook NPK, vakantie en Zomerkamp de revue gepasseerd. Laat ik met een zeer korte samenvatting van NPK beginnen.

Zoals ieder jaar met pinksteren was het Noordelijk Pinksterkamp weer op de Marnewaard. Dit jaar hadden we een geweldige nieuwe fourage-/keuken-/EHBO-tent, die we Elliot, naar het zoontje van onze medeleiding Frank, genoemd hebben. Het was alle vijf dagen geweldig mooi weer, wat de sfeer enorm ten goede kwam. Onze dames hebben het erg goed gedaan, de tenten stonden netjes en de keukens waren best netjes. Resultaat: ons subkamp heeft gewonnen en als groep zijn we uiteindelijk 18e geworden, lang niet slecht! Ik had mijn camera aan de meiden gegeven, de foto’s zijn te bewonderen in mijn gallerij.

Kort na NPK was het zomervakantie. Zomerkamp zou de laatste week van de basisschoolvakantie zijn, dus het leek me een goed plan de week daarvoor zelf vakantie te nemen. Ik ging wandelen van Apeldoorn naar Ommen, over het Maarten van Rossumpad. ’s Maandags vertrok ik, ik kon meerijden met vrienden die naar de Apenheul gingen, wat bijna op de route lag, geweldig!

De eerste dag liep ik iets van 18 kilometer, veel over asfalt, deels door bos en deels over echte bospaadjes. Opzich best een aardig stuk, langs paleis Het Loo. Overnachten deed ik op een grote camping, met veel kinderen. Mijn kleine eenpersoonstentje stak vreemd af tegen al die grote caravans met grote koepeltenten voor de kids. De bediening in het cafe was gelukkig erg gezellig en na een paar biertjes ging ik al vroeg op bed.

De volgende ochtend ging het route veel meer over zandpaden, over mooie heide en door bos. Onderweg kwam ik veel mensen tegen, sommigen keken vreemd naar mijn, toch niet zo heel grote, rugtas, maar de aanspraak was altijd gezellig. Na een kilometer of 20 ging ik opzoek naar de staatsbosbeheercamping die daar toch echt moest zitten, al met al ben ik vijf kilometer omgelopen, ja, echt fout gelopen, voor ik hem vond. Gelukkig was het een geweldige camping, met gezellige gasten en een heuze kampvuurkuil! Dat resulteerde natuurlijk in een erg leuke avond. Ergens gedurende de dag was ik helaas wel mijn camera verloren.

Ook op woensdag was het weer geweldig. Vandaag zou ik de IJsel over gaan, met het pondje bij Hattem. Dit maal had ik geen zin om weer een broodje omelet te maken van de eierpoeder die ik mee had, dus ging ik eerst het dorp nog even in om een lekker broodje kroket te halen. Op het terras had ik al het gevoel dat ik een dikke blaar aan het ontwikkelen was, maar dat negeerde ik. Het pondje is een geweldig alternatief voor de brug over de IJsel, voetgangers en vooral fietsers worden in kleine groepjes overgezet. Het stuk na de overzet was erg zwaar, niet omdat het moeilijk terrein was, maar omdat het vooral veel asfalt was en de blaar onder de bal van m’n voet zich echt begon te manifesteren.

Toen ik bij Windesheim was aangekomen was ik het zat, de dichtstbijzijnde camping was nog zeker tien kilometer lopen, het was al vijf uur en mijn voeten hadden geen zin meer. Onder het mom ‘het is toch vakantie’ ben ik toen naar de dichtsbijzijnde bushalte gereden en naar huis gegaan, op station Zwolle nog patat met vis gegeten en toen met de trein noar Grunn. Thuis gekomen bleek het inderdaad een flinke bloedblaar te zijn, gelukkig had ik nu een paar dagen om te herstellen voor zomerkamp begon. Volgend jaar ga ik zeker weer een wandelvakantie doen, maar dan wel met andere schoenen en of het weer Nederland gaat worden weet ik ook nog niet.

Over Zomerkamp zal ik dan ook maar kort en bondig zijn. Het was een erg gezellig en relaxt kamp op de Ada’s Hoeve in Ommen. Het opbouwen ging soepel, we hebben vlotten gebouwd, gezwommen, gehiked (de hike was misschien wat te makkelijk), onder een zeiltje of de sterrenhemel geslapen en over het algemeen heel veel plezier gehad. Helaas heb ik er geen foto’s van, aangezien ik mijn camera kwijt was.